Water.

De bekendste automatische waterblussystemen zijn de sprinklersystemen. Sprinklerinstallaties zijn ontworpen om elke brand op een willekeurige plaats in het beveiligde object te detecteren en deze vervolgens te blussen danwel de brand zodanig onder controle te houden dat de blussing kan worden voltooid door eigen personeel met kleine blusmiddelen of door de brandweer.

Sprinklerinstallaties zijn doorgaans volledig gevuld met water. Indien door brand een sprinklerkop aangesproken wordt zal hier water uit komen. Er zijn echter nog een aantal varianten:

  • Pre-action installatie; het leidingnet is dan als droog systeem uitgevoerd en wordt pas bij een melding gevuld.
  • Déluge-installatie; hierbij is het systeem uitgevoerd met open sproeiers. Bij blussing worden alle sproeiers van water voorzien.
  • Lichtschuim-installatie; hierbij wordt via een tussenmenger schuimvormend middel toegevoegd. Hiermee wordt dan een hele ruimte gevuld en zo wordt de brand verstikt.

Daarnaast zijn er nog waternevelsystemen. Deze zijn verwant aan de gasblusinstallaties. In tegenstelling tot sprinklerinstallaties wordt geblust met een zeer fijne nevel of mist van waterdruppels. Deze zeer kleine waterdruppels absorberen de bij de brand vrijkomende energie en vertragen de zuurstoftoevoer.
Dit zijn autonome (zelfstandig opererende) installaties welke door een brandmeldsysteem worden aangestuurd.